Monthly Archives: October 2015

Saint Malo (All the light we cannot see)

Deze zomer las ik de roman die dit jaar de Pulitzer Prize voor fictie heeft gewonnen. De Amerikaanse auteur Anthony Doerr schreef een meeslepend verhaal over een Duitse jongen en een Frans meisje die allebei als kind betrokken raken in de Tweede Wereldoorlog en daardoor erg snel volwassen worden. De jongen is een wees en woont met zijn zusje in een weeshuis. Het meisje is op jonge leeftijd blind geworden en heeft alleen nog haar vader. Die is curator in een natuurhistorisch museum in Parijs. Zij vluchten naar het Franse kustplaatsje Saint Malo. De vader heeft de opdracht een waardevolle diamant te verbergen voor de Duitse bezetters.  

 All the light we cannot see (Als je het licht niet kunt zien) geeft een prachtig beeld van Saint Malo. Het zou me niet verbazen als hier het Dan Brown-effect optreedt en het aantal bezoekers zal stijgen als gevolg van nieuwsgierige lezers. Voor mij was het in ieder geval aanleiding om deze hefstvakantie het plaatsje te bezoeken. Het oude centrum (Intra Muros) is een soort postzegelstadje. Je kunt bijna rondom over de stadsmuren lopen en dat kost je niet heel veel tijd. Alle huizen en panden staan erg dicht op elkaar en de straatjes zijn niet breed. Het leukst is het om de vestingstad vanaf het strand te benaderen. Bij eb is het strand heel breed en een beetje zompig. Net als bij Mont Saint Michel, dat hier niet ver vandaan ligt. 

 Er valt overigens veel aan te merken op het boek van Anthony Doerr. Er staan nogal wat anachronismen in. Het is een allegaartje van stijlen: van sociaal drama tot fantasy-elementen à la Raiders of the Lost Ark (volgens de legende maakt de diamant met de mooie titel ‘Sea of Flames‘ zijn eigenaar onsterfelijk en daarom willen de Duitsers hem hebben). Het verhaal is te lang, onwaarschijnlijk, voorspelbaar en weinig subtiel. De reden dat het zich in Saint Malo afspeelt is niet erg duidelijk; waarschijnlijk vanwege het mooie decor voor een romantisch verhaal en omdat de stad het strijdtoneel was in 1944 toen de geallieerden Europa gingen bevrijden. De stad raakte verwoest, is heropgebouwd en nu een belangrijke toeristische attractie. En het boek is ondanks de gebreken een easy read en een bestseller. Daar had het geen Pulitzer voor nodig.

Life (James Dean)

Op mijn kamer hing jarenlang een zwart-wit poster van James Dean met cowboyhoed. Het is een klassiek beeld uit de film Giant, waarin hij met Rock Hudson en Elizabeth Taylor schitterde. Hij heeft op die poster zijn kenmerkende blik, die ondoorgrondelijk is maar tegelijk eindeloos fascinerend. Je kunt er uren naar kijken zonder het zat te worden.

 Dat is dan ook waardoor James Dean zo iconisch is geworden. De films waarin hij speelde zijn zeker niet slecht. Ze tonen een talentvol acteur met veel potentie om een ster te worden. Het zijn niet de films maar de foto’s die hem zijn sterstatus verleenden. Niet vreemd dus dat er nu een film is gemaakt over de fotograaf die als eerste een fotoreportage over Dean maakte. Met de nog steeds wereldberoemde foto op Times Square in de regen.

 Life gaat over de totstandkoming van die fotoreeks. Fotograaf en filmer Anton Corbijn voelde zich ongetwijfeld aangetrokken tot dit verhaal en maakte er een mooie, beetje lome film van. Er is echter één groot probleem, waar alle films over Jimmy Dean moeite mee hebben. Wie heeft dezelfde uitstraling? Wie komt in de buurt qua looks en charisma. Dane DeHaan lijkt best wel op James Dean en zet hem geloofwaardig neer. Daarnaast maakt het scenario van de film niet duidelijk om wie de film nu draait: de fotograaf of de acteur. Het grootste probleem echter is de tegenspeler, Robert Pattinson. Die lijkt in de verste verte niet op Dean, maar heeft wel dezelfde uitstraling. En hij is zo knap, dat hij alle aandacht naar zich toetrekt. En dat zou nou juist andersom moeten zijn.

The Martian (Matt Damon)

Op vakantie in  Frankrijk ga ik altijd op zoek naar een bioscoop waar ze Engelstalige films met ondertitels draaien. De keuze is vaak beperkt tot één film, waardoor je soms heel verrassende films ziet. Maar het kan ook zwaar tegenvallen. Mission to Mars (2000) was zo’n misser. Op IMdb krijgt hij een 5,5! Ik ben blijkbaar niet de enige die het een flop vindt. 

 Maar science-fictionfilms blijven een onweerstaanbare aantrekkingskracht op me te hebben. En met de voorbereidingen voor een bemensde trip naar Mars is het maar de vraag of The Martian wel zo fictief is. De bemanning van de derde vlucht naar Mars wordt tijdens werkzaamheden op de rode planeet overrompeld door een zware zandstorm. Er zit niets anders op dan voortijdig met het luchtschip terug te keren. Tijdens de storm raakt één astronaut gewond en verdwaald in de storm. De rest van de bemanning ziet zich genoodzaakt hem achter te laten.  

 Matt Damon speelt de voor dood achtergelaten astronaut die het voorval toch heeft overleefd. Met al zijn kennis, wilskracht en creativiteit gaat hij alle vraagstukken stuk voor stuk te lijf. Het levert prachtige plaatjes in 3D op. Het verhaal is erg voorspelbaar, bevat weinig plot of goede dialogen. Matt Damon heeft wel weer de perfecte uitstraling om hem geloofwaardig neer te zetten.

De film is veel te lang om te blijven boeien, maar de soundtrack is juist wel weer verrassend. Starman van Bowie is nogal voor de hand liggend, maar disco uit de jaren ’70 (I Will Survive) en ABBA is dat minder. Een van de vrouwelijke astronauten is groot fan van de Zweedse band. Blijkbaar blijft hun muziek ook in de toekomst tijdloos. Dat vond ik eigenlijk het leukste van deze film! 😃