Author Archives: KeesPaalvast

About KeesPaalvast

I blog mostly about music, movies, literature, travel and food.

Best non-winners (Eurovision)

Het is weer mei. Het mag weer. Ik draai weer veel Eurovisie muziek. Gevoelsmatig hoort het bij de lente en voor mij is het de zoektocht naar de perfecte popliedjes binnen de beperking van 3 minuten. Een paar jaar geleden maakte ik een gebrand ceedeetje voor A.B. (voor een speciale gelegenheid) met daarop de beste Eurovisieliedjes die niet hebben gewonnen. Volledig subjectief naar mijn bescheiden smaak. Ik vond het een compliment dat de ontvanger van het schijfje (wie maak je daar tegenwoordig nog blij mee?) veel plezier van de selectie beleefde.

Helaas heeft Spotify teveel gebreken om er een gedeelde playlist van te maken. Daarom hier maar een aantal trends en voorbeelden.

Had moeten winnen

Helaas zijn er veel liedjes die veel beter waren dan de winnaar van dat jaar. Soms halen die dan alsnog een hit. Denk aan de Engelse inzending uit 1998 van Imaani (Where Are You), dat een grote hit werd. Of Julie van Daniel uit 1983. Vorig jaar gaf Nederland de meeste punten aan Duitsland. Het mocht niet baten, maar  het prachtige You Let Me Walk Alone van Michael Schulte werd terecht nog een echte radio- en Top 40-hit. Maar Yohanna had in 2009 voor Ijsland moeten winnen (i.p.v. Noorwegen) met Is It True. Het beste Songfestivalliedje (niet de beste jurk) in tijden. Met een prachtige melancholische melodie.  Hier kun je me altijd voor wakker maken.

Franstalig

Ik ben dol op Franstalige liedjes. Ze doen me denken aan lange autovakanties door mooie landschappen en zonnige stranden. De Fransen begonnen eind jaren ’80 met een geslaagde missie om het Songfestival moderner en diverser te maken. Amina haalde  in 1990 evenveel punten als Zweden met Le Dernier Qui A Parlé, maar moest Carola voor laten gaan. Zeer onterecht. Maar ik kies hier nu voor Mama Corsica van Patrick Fiori, dat in 1993 . Als je hier geen zin van in vakantie krijgt, weet ik het ook niet meer.

Scandinavië

Mijn voorliefde voor Zweden acht ik bekend. Ze hebben elk jaar goede popliedjes en weten altijd wel weer iets nieuws te bedenken (al vind ik het gospelliedje dit jaar teveel nageaapt van Oostenrijk vorig jaar). Denk bijvoorbeeld aan It Hurts van Lena Philipsson dat zo uit de koker van Stock, Aitkin & Waterson had kunnen komen. Maar ook Noorwegen brengt ieder jaar wel een eigenzinnig nummer. Denk aan de verstilde ballad Silent Storm van Carl Espen, maar ik kies voor de Daft Punk-achtige inzending uit 2017 van JOWST (Grab The Moment).

Onverstaanbaar

En dan zijn er de liedjes in de eigen taal, ook al hoeft dat al zo’n 20 jaar niet meer. Soms is dat een betere strategie dan een onverstaanbaar Engels liedje met een zwaar Oost-Europees accent gezongen. Molitva won zelfs met zo’n onverstaanbaar liedje. En er was het prachtige Kedvesem van Hongarije in 2013 of dit prachtig gezongen Kuula uit Estland. Geen idee waar het over gaat, maar het komt direct bij je binnen.

Dit jaar is Nederland de grote favoriet. Arcade van Duncan Laurence is met kop en schouders het beste liedje van 2019. Maar in een festijn, waar het beeld door de jaren heen alleen maar belangrijker is geworden, weet je het nooit. Toch hoop ik niet dat Arcade op de afspeellijst van niet-winnaars terechtkomt.

 

Advertisements

Athene Déjà-vu (Griekenlandreis 1982)

Mijn eerste reis naar het buitenland was toen ik 17 was. Ik zat in Gymnasium V en met twee klassen gingen we in mei 1982 drie weken naar Griekenland. We mochten het geen vakantie noemen, want het was half in schooltijd. En het was een studiereis. Dat klopte ook wel, omdat we veel historische plekken gingen bezoeken, die we kenden van geschiedenis en Grieks. Er ging ook een leraar gymnastiek mee, dus er was veel lichamelijke beweging. We wandelden enorme stukken en er was zelfs een fietsrit in het programma.

Ik moest er aan denken nu ik deze week in Athene ben. De eerste dag meteen naar de Akropolis. Ons hotel ligt er op een steenworp afstand van, dus dat werd een mooie wandeling. Het vreemde was dat ik geen enkele concrete herinnering meer heb aan mijn eerdere bezoek ruim 35 jaar geleden. Zelfs in de verste verte geen déjà-vu, terwijl ik weet dat ik er ben geweest. En volgens C. moesten we een takkeneind lopen om er te komen. In het Nationaal Archeologisch Museum waar ik vandaag was, werd mijn geheugen evenmin geactiveerd. Nou hebben we in die studiereis meerdere archeologische plekken en musea gezien en we eindigden in Athene. Dus waarschijnlijk was ik al een beetje overvoerd en haal ik een en ander door elkaar. Het geheugen is een onbetrouwbare bondgenoot. Of was ik niet anders dan de huidige groepen middelbare scholieren, die ik nu op de Akropolis ongeïnteresseerd (al dan niet als houding) zie rondlopen? Waarschijnlijk.

Maar gelukkig was ik vanmiddag in het Akropolis Museum. Die is pas sinds 2009 open, dus daar ben ik nu voor het eerst. Het is een imposant gebouw, dat vooral binnen enorme indruk maakt. Op de tweede verdieping is een soort reconstructie van de beelden van het Parthenon. Heel mooi, al moet je voor de meeste originele beelden naar het British Museum in Londen. En daar gebeurde iets opmerkelijks! Ineens liep ik tegen het beeld van Pallas Athene op. En een luikje in mijn geheugen ging open! Een plaatje van dit beeld stond bij de allereerste les Grieks die we op school hadden in II Gymnasium. De eerste zin luidde: “Idou, to agalma!” (Oftewel: Ziedaar, het beeld!) Dat wist ik dan weer wel. En zo had ik toch nog mijn déjà-vu.

The Handmaid’s Tale (Mad Men)

Ik houd niet van bingewatching. Ik heb dat nooit echt gehad. Met boeken bijvoorbeeld houd ik als stelregel aan, dat ik op de dag dat ik een boek uitlees, niet aan een nieuw boek begin. Zo kan een boek nog een beetje na-echoën in mijn hersenen. Hetzelfde geldt een beetje voor films. Meer dan één film per dag kijken werkt bij niet zo lekker. Bij een  filmfestival hoort dat er een beetje bij, maar ik merk bij mezelf, dat een mooie film dan onvoldoende indruk maakt (vaak omdat er ook veel middelmatige films tussen zitten).

En op tv snap ik het wel. Toen ik de serie 24 ontdekte, kon ik soms niet stoppen met kijken. Zo spannend was het. Het leek wel alsof de serie gemaakt was om tot diep in de nacht door te blijven kijken. Dat was niet zo. Er werd gewoon elke week een aflevering op tv vertoond, maar door de komst van de DVD-box kon je nu lekker doorkijken. En met Netflix is dat alleen maar versterkt. Je wordt bijna gedwongen om de aftiteling te skippen en meteen door te kijken.

Handmaid 2Toch doe ik het bijna niet meer. Eén aflevering per avond als ik alleen kijk en ongeveer één of twee per week als we samen kijken. Zo maken mooie series meer impact. Blijven ze langer in je hoofd zingen en ontdek je soms nieuwe lagen in het verhaal. Series als Mad Men, Game of Thrones en Hell On Wheels komen zo beter tot hun recht. Op dit moment kijken we The Handmaid’s Tale en hebben net seizoen 1 uitgekeken. En zelfs als houd je heel erg van en ben je heel goed in bingewatching, mijn advies is negatief. Doe het bij deze serie niet! De serie is namelijk nogal duister van karakter en je wordt er alles behalve vrolijk van.

Peggy 1

Peggy uit Mad Men

Het is gebaseerd op een roman van Margaret Atwood uit de jaren 80 en draait om een dystopische nabije toekomst. Daarin is het patriarchaat in extreme vorm hersteld en worden vruchtbare vrouwen letterlijk tot slaven (handmaids) gemaakt. Dat lijkt vergezocht, maar als je er langer over nadenkt, komen er heel veel eigentijdse elementen in voor, waardoor het soms griezelig nabij lijkt. Ik verklap verder niets, behalve dat de hoofdrol wordt gespeeld door Elisabeth Moss (oftewel Peggy uit Mad Men). En dat de styling van de serie (kostuums en enscenering) waanzinnig mooi is (nog een overeenkomst met Mad Men). Te zien op Videoland of op DVD.

Lees ook mijn blog over Mad Men en Hell on Wheels

ABBA & Queen (1974)

In mijn tienerjaren waren er twee bands waar ik enorm van hield: ABBA en Queen. In die volgorde. Mijn vriendje met wie ik elke dag naar school fietste had hetzelfde maar dan in omgekeerde volgorde. Er was een soort rivaliteit tussen de twee bands. Echte liefhebbers van Queen haalden hun neus op voor ABBA en veel fans van de Zweedse band vonden die Engelse rockers veel te heftig. Ik moest eraan denken nadat ik een boek over ABBA uit had, waarin Queen nergens genoemd wordt. Toch zijn er meer overeenkomsten tussen de twee bands dan je op het eerste gezicht zou denken.

1 Amerika veroverd?

Beide bands waren ontzettend populair, maar meer in Europa dan in Amerika.  Het zal je verbazen, dat beide bands, maar vier Top 10 hits in de Billboard Hot 100 hadden. ABBA had één nummer 1 hit (Dancing Queen) en één nummer kwam op 3 (Take A Chance On Me). Queen stond twee keer op één, maar verrassend genoeg niet met Bohemian Rhapsody. abba-reunite-virtually-mainTraditionele rock and roll en vette funk-disco deden het beter voor Queen: Crazy Little Thing Called Love en Another One Bites The Dust. Voor beide groepen geldt, dat dit geenszins slechte prestaties zijn. Een beetje teleurstellend is het wel, als je bedenkt hoe mega-succesvol ze in de rest van de wereld waren. Blijkbaar was de muziek toch te Europees. En voor Queen geldt, dat de clip van I Want To Break Free de doodsteek was voor hun succes in the States. MTV weigerde het te vertonen (volgens hun biopic vanwege de crossdressing, maar volgens mij vanwege de orgie-achtige taferelen in dezelfde video).

2 Gay appeal

leather-freddie-002Beide bands hadden een duidelijke aantrekkingskracht op de homogemeenschap, die pas veel later openlijk werd. In het geval van Queen kwam dit allereerst door Freddie Mercury. Die was weliswaar zijn hele carrière officieel niet ‘uit de kast’, maar hij wist alle homo-prototypes in zijn voorkomen te gebruiken. Dat startte in de tijd van de glamrock (in goed Nederlands: nichtenrock), maar later meer in zijn leren outfit en vette snor als Muscle Mary. En vrijwel altijd met ontbloot bovenlijf. Bij ABBA ligt het iets ingewikkelder. Twee getrouwde heterostellen, die al redelijk op leeftijd waren toen ze doorbraken (Frida was bij de  doorbraak in 1974 al 29 en tweemaal moeder!). De outfits waren in het begin zeker extravagant, maar of dat hun gay appeal verklaart? Ik denk dat het vooral de songtitels van Dancing Queen en Gimme! Gimme! Gimme! (A Man After Midnight) waren in combinatie met het feit, dat het uncool was als je van ABBA hield in de seventies. Veel mensen kwamen pas veel later als ABBA-fan uit de kast.

3 Hits, hits en nog meer hits

1974 was voor beide bands het doorbraakjaar: Killer Queen en Waterloo. Voor zover bekend hebben de bands elkaar slechts één keer ontmoet bij een Engelse TV-show in november 1974, waar helaas alleen foto’s van bewaard zijn gebleven. Ze maakten hit na hit die elkaar in een moordend tempo opvolgden. En zowel ABBA als Queen wisten elke keer weer te verrassen met een grote verscheidenheid aan stijlen (rock, disco, opera, cabaret, uptempo en ballads). Elke hit was anders dan zijn voorganger, maar had wel onmiskenbaar het geluid van de band. En de albums? Die waren eerlijk gezegd wisselend van kwaliteit. Niet voor niets zijn Queen Greatest Hits en ABBA Gold hun bestverkochte albums.

4232300A

Rechts de leden van Queen en in het midden ABBA

Ik heb me altijd afgevraagd of ze van elkaars muziek hielden. In een documentaire uit 1977 laat Roger Taylor zich enigszins laatdunkend uit over ABBA, maar ik weet vrijwel zeker dat Freddie met zijn eclectische muziek- en kledingstijl heeft genoten van de muziek en outfits van dat rare stelletje Zweden.

Beautiful Boy – Beautiful Film

Films over drugs hebben opvallend vaak muziek van David Bowie. Zo ook de cultklassieker Christiane F. Wir Kinder vom Bahnhof ZOO. Deze film was hot toen ik op de middelbare school zat. Dat kwam ook door de soundtrack, waar het nummer Heroes van David Bowie op voorkomt. Hij nam dit legendarische nummer op in Berlijn, waar de film speelt. Bowie Christiane FMet de legendarische zin: “We could be Heroes, just for One Day”. In de film wordt de versie gebruikt met de deels Duitse tekst (“Wären wir Helden, für einen Tag”). Hoe cool de film ook was, ik was er nog te jong voor om hem in de bioscoop te zien. Ik zag hem later op tv en hij maakte een verpletterende indruk op me. Het was me duidelijk, dat de grote stad veel aantrekkingskracht heeft, maar ook destructief kan zijn. Het heeft me altijd huiverig gemaakt voor verslaving en drugs.

In de film Beautiful Boy speelt Steve Carell een liefhebbende vader. Op het eerste oog een modelvader, hoewel hij gescheiden is van zijn eerste vrouw met wie hij soms ruzie maakt. Hij voedt zijn oudste zoon op, maar heeft daarna nog twee kinderen bij de ‘tweede leg’ gekregen. Met zijn nieuwe vrouw vormen ze een liefdevolle, succesvolle en creatieve familie. Pa is journalist bij de New York Times en zijn vrouw schildert. De oudste zoon Nic blijft onverwacht weg van huis en als hij na enkele dagen terugkeert, snapt de vader dat er drugs in het spel zijn. De jongen is al 18, maar laat zich toch naar een afkickkliniek sturen. Hoe het verder gaat, moet u vooral zelf gaan bekijken. Het is een prachtfilm geworden (van het Belgische wonderkind Felix van Groeningen, met geweldig acteerwerk en Sound + Vision van Bowie).

BB 1BB 2

Opvallend is echter dat er in de film, gebaseerd op waargebeurde feiten, nauwelijks gemoraliseerd wordt. Er wordt niet gezocht naar een verklaring of een dieper liggend drama. Het is gewoon zoals het is. Er is echter wel een groot verschil met de film uit 1981 waarin de Berlijnse drugsscene in de jaren 70 centraal staat. Die film was duidelijk bedoeld om een gruwelijk beeld van drugs te schetsen om jongeren daarmee af te schrikken. De boodschap was duidelijk (“Begin er niet aan”). En in mijn geval zeer effectief. Maar Beautiful Boy speelt in de 21e eeuw. En de verleidingen en verlokkingen zijn nooit ver weg. Ze hebben dan wel geen Spuiten en Slikken op de Amerikaanse tv, maar drugsgebruik is in veel kringen normaal geworden. De vader geeft een beetje, maar niet echt tegenstribbelend toe aan zijn zoon: hij heeft er ook mee geëxperimenteerd. Tja, ga dan maar eens de moraalridder uithangen. Hoe dan ook, ik hoop dat veel jongeren de film wel gaan zien, want zoals in de aftiteling staat is in Amerika op dit moment een overdosis onder jongeren doodsoorzaak nummer 1.

 

American Gods

Shadow Moon is gedetineerd en krijgt een paar dagen voordat hij wegens goed gedrag vervroegd wordt vrijgelaten goed en slecht nieuws. Het goede nieuws is dat hij een paar dagen eerder dan verwacht wordt vrijgelaten. Het slechte nieuws is dat hij op die manier zijn net verongelukte vrouw kan begraven. Dit is de start van de serie American Gods, die door Amazon is ontwikkeld op basis van een mij onbekende bestseller-roman en waarvan inmiddels één seizoen van acht afleveringen beschikbaar is.

De serie is een mengelmoes van allerlei genres en stijlen. Zo bevat bijna elke aflevering een historische episode uit de geschiedenis van Amerika en zijn huidige bewoners. The melting pot, zullen we maar zeggen. Het begint met de komst van de Vikingen, maar ook de slavernij en de bannelingen uit het Verenigd Koninkrijk etcetera. Er is een duister figuur, die Shadow Moon in dienst neemt. Ze ontmoeten elkaar in een vliegtuig op een woensdag, dus heet hij Mr. Wednesday. Samen doen ze een soort road trip door de VS. En er is een knappe jonge vrouw, die een oud onaantrekkelijk mannetje verleidt voor een potje seks. Maar tijdens het liefdesspel groeit zij tot grootse proporties en verdwijnt haar slachtoffer in haar geslacht. Klinkt obscuur? Dat is het ook en dit is nog maar een fractie van vreemde zaken. En na één seizoen zijn er slechts enkele vragen beantwoord.

Ricky-Whittle-1

De serie doet hierdoor ook denken aan tal van andere series (Supernatural, Twin Peaks, Lost, Heroes, American Gothic, The Walking Dead etc.), maar is toch uniek. De special effects zijn fantastisch en de Engelse hoofdrolspeler Ricky Whittle is alleen al reden genoeg om te blijven kijken. Maar goed, je vraagt je ondertussen wel af of het de moeite waard wordt om te blijven kijken. Seizoen 2 volgt pas in het voorjaar van 2019. En het kan zomaar helemaal uit de bocht vliegen. Je hoopt het niet, maar voor je het weet wordt het net zo’n afknapper als Lost en Heroes. We gaan het zien.

 

Top 10 Queen

Binnenkort komt na jaren gesteggel eindelijk de film Bohemian Rhapsody over Queen en Freddie Mercury in de bioscoop en ik ben erg benieuwd. Voor mij aanleiding om mijn tien favoriete Queen nummers op een rij te zetten. Ik heb me beperkt tot nummers die in de Nederlandse Top 40 hebben gestaan. Daardoor vielen veel hits af, maar Brighton Rock, Good-Oldfashioned Loverboy en Sail Away Sweet Sister vielen ook buiten de boot.

10. Crazy Little Thing Called Love (1980)

Zo simpel kunnen liedjes zijn. Volgens zeggen binnen een paar uur geschreven. De clip deed de rest! Hun eerste van twee nummer 1 hits in USA.

9. Las Palabras de Amor (1982)

Een van hun kleinste hits in Nederland vind ik nogal ondergewaardeerd. Wel hun grootste hit in Latijns Amerika!

8. You Don’t Fool Me (1996)

Beste nummer van postuum uitgebrachte Made In Heaven met heerlijke jaren 90-beat. Freddie zou het mooi hebben gevonden.

7. Under Pressure (1981)

Op hun minst succesvolle album Hot Space sinds hun doorbraak staat wel een van hun zes Nederlandse nummer 1 hits. With a little help of friend David Bowie, die op het Freddie Mercury Tribute een memorabele versie met Annie Lennox deed.tumblr_nmee8zAoMr1t6c9bro1_1280

6. Innuendo (1991)

De zwanenzang van Freddie kwam uit vlak voor zijn dood en heeft alle karakteristieke bombastische Queen-elementen.

5. Bohemian Rhapsody (1975)

Ik was nog iets te jong om echt fan te zijn, toen dit op één stond. Natuurlijk heerlijk om met mee te brullen, maar sleetsheid ligt altijd op de loer. De versie van Panic At The Disco vond ik dapper en sterk!

4. Killer Queen (1974)

De zin “Let them eat cake instead, Just like Marie Antoinette” begreep ik pas tientallen jaren later toen de film over Marie Antoinette in de bioscoop kwam.

3. Another One Bites The Dust (1980).

Queen Another one bites the dustHun grootste hit in Amerika was disco! Volgens zeggen was het Michael Jackson die vond, dat ze dit als single moesten uitbrengen. Die had er kijk op.

2. Don’t Stop Me Now (1978)

Heerlijk voortstuwend upbeat tempo en lekker gekke tekst. Heel vaak heb ik dit nummer ongewild in mijn hoofd als ik hard aan het fietsen ben.

  1. Somebody To Love (1976).

Het was een strenge winter en dit stond op nummer 1. Het is eigenlijk een liefdesliedje met een begrijpelijke tekst (in tegenstelling tot Bohemian Rhapsody). En toen tijdens het Tribute Concert George Michael het stadion omver blaasde met zijn versie, wist ik het zeker. Dit is mijn topfavoriet.

Lees ook mijn blog: Queen in Leiden (1984)